
De hechte contacten met patiënten leveren sommige werknemers in de zorg veel inspiratie op. Zij gebruiken hun werk als bron voor een boek, film, fotoserie of scenario. ‘Hun maskers zijn af, daardoor zijn oude mensen vaak prachtig in balans.’
Documentairemaakster
SHARIS COPPENS
Vier jaar geleden, na het behalen van haar master in de Visuele Antropologie, ging documentairemaakster Sharis Coppens (31) als schoonmaakster bij Amsterdam Thuiszorg aan de slag. Met haar eerste klant, de 83-jarige Jan Schaart, klikte het meteen. Hij was al een tijd alleen, had zijn vrouw verloren en geen kinderen. Toen Coppens na een halfjaar op het kantoor van de thuiszorg ging werken, bleef ze wekelijks bij hem het huis aan kant houden. ‘Elke keer vertelde hij hele monologen over zijn leven. Die wilde ik vastleggen.’
Ze kocht een nieuwe camera en vroeg hem toestemming te filmen. Als jij het leuk vindt, vind ik het ook leuk, zei hij. Het was het begin van de documentaire Aan ‘t eindje van m’n Latijntje, een film die in 2007 uitkwam, over de vraag of je iemand naar het bejaardentehuis moet sturen als hij aangeeft thuis te willen sterven.
In de koffiepauze ging steevast de camera aan. ‘Ik word in de gaten gehouden!’ grapte Schaart soms in de lens. Hij vertelde Coppens over zijn tijd bij de politie, hoe moeilijk hij het altijd vond om boetes te geven: de armen hadden al zo weinig.
Maar Coppens’ documentaire ging ook over het heden en in dat heden veranderde er veel. Schaart ging geestelijk achteruit en werd omringd met steeds meer zorgmedewerkers die regelden dat hij goed bleef eten, een gehoorapparaat kreeg, zijn financiën op orde had. Uiteindelijk werd tegen zijn zin besloten hem naar een bejaardentehuis te sturen. ‘Dat was echt heel zielig’, zegt Coppens. ‘Hij ging altijd twee keer per week kaarten en eten in het bejaardentehuis. Toen hij daar weer een middag was, hebben ze zijn spullen verhuisd. Ik bezocht hem later in het tehuis en hij dacht toen nog steeds dat hij terug naar huis kon.’
Voor haar documentaire was het een mooie wending die de vraag opriep hoe dit zou aflopen. Uiteindelijk heeft Staart zijn hoofdrol zelf niet kunnen zien. ‘Misschien is hij al overleden’, zegt Coppens. Ze weet het niet, de laatste keer dat ze hem bezocht zat hij op een gesloten afdeling. Hij herkende haar niet meer. Inmiddels werkt Coppens bij een documentaireproducent. Ze denkt eraan Aan ’t eindje van m’n Latijntje nog eens naar de Amsterdamse zender AT5 of RTV Noord-Holland te sturen.
Reisfotograaf en journalist
BAS JONGERIUS
Na een opleiding Europese Studies kwam reisfotograaf en journalist Bas Jongerius (43) bij Amsterdam Thuiszorg terecht. Het arbeidsbureau had een rustig kantoorbaantje voor hem geregeld. Een paar keer per dag werd er gebeld voor de wijkverpleegkundige. Hij antwoordde dan dat ze een ander nummer moesten draaien. Later stapte hij over naar het meldpunt, waar mensen telefonisch hulp konden aanvragen en hun klachten spuiden. Jongerius bleek een geliefd oor om tegenaan te praten. Hij trok zo drie kwartier uit voor een gesprek. ‘Ik heb wat met die oude baasjes en vrouwen die nog zoveel vrolijkheid in zich hebben.’
Na zo’n vijf jaar besefte hij dat hij iets anders wilde. Geboeid als hij was door de verhalen van de thuiszorgklanten ging hij schrijven voor het blad VoorZorg. Ook maakte hij steeds meer foto’s, het liefst van oude mensen. ‘Ik wil het mooie van de mens laten zien. Ze zijn niet anders dan wij, alleen wat ouder.’
Jongerius maakt nog altijd graag foto’s van ouderen. ‘Ze hebben hun vreugde en verdriet beleefd en hoeven niet meer te vechten voor een positie of status. Hun maskers zijn af, daardoor zijn ze vaak helemaal in balans.’
Eén keer werd hij gebeld door een verpleegster die al 24 uur waakte over een zieke Nederlandse modeontwerper. Zij had het met hem over Jongerius’ werk gehad. Toen mocht hij langskomen. Jongerius: ‘Hij heeft nog maar even, zei ze door de telefoon. Ik ben op mijn fiets gesprongen en trof hem aan in een door hemzelf ontworpen satijnen pyjama. De infuusslangen waaraan hij lag, had hij bedekt met zijden sjaaltjes. Het was een prachtige setting en ik heb hem op z’n mooist proberen te fotograferen.’ De modeontwerper overleed niet veel later. ‘Zijn dochter was erg blij met de foto’s die ik nog gemaakt had.’
Sinds thuiszorgblad Voorzorg failliet ging, freelancet Jongerius onder meer als journalist voor Perspectief, het blad van de ouderenbond. Als reisfotograaf gaat hij altijd op zoek naar een vroegere generatie. ‘Die mensen hebben alles van een plek gezien en stralen uit dat ze daar horen.’ Zoals die vrouw in Vietnam die hem wenkte, breeduit lachend met haar zwarte tanden. ‘Ik dacht: dat is het rotste gebit dat ik ooit heb gezien. Toen ik dichterbij kwam bleek ze haar tanden zwart te hebben geëmailleerd. Haar zoon die erbij zat vertelde dat dit rond 1920 een schoonheidsideaal was. Dat is toch het mooiste wat er is?’
Verpleegkundige en schrijfster
PETRA VAN ELST
Op haar zeventiende solliciteerde Petra van Elst (38) bij een ziekenhuis. In het boek Anekdotes.Doc, dat in april verscheen, vertelt de parttime verpleegkundige over haar belevenissen van de afgelopen twintig jaar. Met dat boek wil ze aantonen dat verpleging meer inhoudt dan wassen en spuitjes geven. Momenteel werkt ze op de afdeling neurochirurgie in het Nijmeegse Radboud Ziekenhuis. ‘Je bent vaak lang met één patiënt bezig die in de war is of zelfs agressief. Naast de basisvoorwaarden van het vak vraagt dat wat van je karakter.’
Het is belangrijk naar de mens te blijven kijken en niet alleen naar hoe de patiënt zo efficiënt mogelijk verzorgd kan worden, zegt ze. ‘Iedereen heeft een eigen geschiedenis waarmee hij in dat bed ligt.’
Ze schreef Anekdotes.Doc voor haar familie, maar ook voor artsen. ‘Sommigen zien hun patiënten slechts tien minuten op een dag, of alleen onder narcose. Zo krijgen ze meer een gezicht.’ Tijdens een nachtdienst schreef ze haar eerste zinnen binnen vijf minuten op. ‘Ik had helemaal geen tijd, maar ik moest gewoon beginnen.’
De man die ze die nacht behandelde had net een hersenbloeding gehad. Hij werd agressief en was moeilijk te benaderen. Enkele dagen later raakte hij in een delier (een psycho-organische stoornis, red.). ‘Dat was een bijzondere situatie, maar tegelijk een van de velen’, vertelt Van Elst. ‘We maken hier zoveel mee. De meest bijzondere gebeurtenissen die ik de afgelopen twintig jaar heb meegemaakt, heb ik thuis in een verhaal gegoten.’ Door het schrijven kreeg Van Elst nieuwe inzichten over haar werk. De druk in het ziekenhuis was tijdens haar driedaagse werkweek steeds groter geworden en ze oriënteerde zich al op een baan in het onderwijs. Maar toen ze haar teksten aan haar zus en een vriendin mailde, vroegen die: ga je dit niet missen als je iets anders gaat doen? ‘Ze hebben gelijk, dacht ik toen. Het is soms moeilijk werk, maar wel uitdagend. En de diepgaande band die je met mensen opbouwt, heb je in het onderwijs niet snel.’
Scenarioschrijver
JASPER BEERTHUIS
Hij sluit niet uit dat hij nog eens wat over de zorg gaat schrijven. Scenarioschrijver Jasper Beerthuis (42) werkte in totaal zo’n acht jaar in de verpleging. Vooral de interactie met zorgklanten inspireerde hem. Beerthuis: ‘Toen ik eens een vrouw wilde wassen en de deken omhoog deed, zag ik geen benen. Zo dat scheelt weer effe, hè, zei ze, toen ze me zag staren.’
Beerthuis schreef voor tv-series als Westenwind en de ziekenhuisserie Trauma 24/7. Zo’n tien jaar geleden koos hij voor een bijbaan in de zorg om zijn studie te bekostigen. In een driedaagse cursus bij uitzendbureau Content leerde hij bedden opmaken en mensen wassen.
De ervaring die hij daarna opdeed werd zijn ticket tot de Filmacademie. Scenarioschrijver Hugo Heinen zat in de toelatingscommissie en zei over Beerthuis’ scène die zich in het bejaardentehuis afspeelde dat hij dat alleen zo realistisch op papier kon hebben gezet als hij het had meegemaakt. Dat klopte. ‘In de zorg heb ik geleerd hoe echt mensen kunnen zijn.’
Bejaarden, lichamelijk gehandicapten en dementen, het zijn volgens hem mensen zonder franje. ‘Daardoor is het contact meteen intiem, fysiek en emotioneel. Dat verrijkt je inlevingsvermogen waar je als schrijver uit put. Om in je personages te kunnen kruipen, moet je mensen kunnen aanvoelen.’
’s Nachts waakte hij in een verpleeghuis met zieken, overdag bezocht hij diverse mensen aan huis. Met een bos sleutels in zijn handen trok hij door Amsterdam, niet wetende bij wie hij naar binnen zou gaan. Bijna verslavend vond hij dat. ‘Kwam ik bij een man die ik wou wassen, bromde hij: niets ervan, ga maar een pakkie zware shag voor me halen’, zegt Beerthuis lachend.
Volgens Beerthuis is het goed om als kunstenaar basaal werk ernaast te doen. Om even op te laden. ‘Interactie breekt je open. Je ondergaat veel dingen en reageert op situaties. In tegenstelling tot wanneer je als kunstenaar bezig bent. Dan hou je bewust zoveel mogelijk prikkels buiten en ben je opperst geconcentreerd.’
Van alle hbo-opleidingen zijn de zorgopleidingen vorig jaar het hardst ...
Dokters die schrijven over hun praktijk, dat zie je niet zo vaak. Maar ...
De 32-jarige Leila werkt sinds een jaar bij een welzijnsorganisatie ...